Eten, emoties en de efteling.

KortLevens verhalen en andere dierenvertellingen.

Het meervoud van lef is leven. Dit vind ik mooie woorden die werden geschreven in een email. Ik zou ze zelf graag verzonnen hebben die woorden, maar de credits gaan in dit mooie geval naar Frouke.

Er was een aanleiding voor die woorden. Een rit naar Budapest waar we de oncoloog en een opdrachtgever opzochten. In beide gevallen het positief, hoewel wij van de oncoloog natuurlijk liever hadden gehoord dat het negatief was. De oncoloog gaat nu over op een speciale behandeling die Hans weer gezond en fris moet gaan maken. Welke en hoe dat in zijn werk gaat mag hij zelf vertellen. Maar het werd een bijzondere dag vol zonneschijn terwijl het bitterkoud was. Vroeg in de avond gingen we op weg naar huis precies in de avondspits van Budapest. Hans draait zijn hand niet om voor dit soort drukke zaken en terwijl ik hem nog roemde om zijn fijnzinnige gevoel voor richting reden we in de richting van de ondergaande zon. Sinds november weten wij dat onze Tomtom het niet meer doet. Waarschijnlijk gaar gekookt in het handschoenenkastje van de auto tijdens een van de verzengend hete dagen van vorige zomer. Een kaart van Hongarije heeft hij niet nodig en op de vraag of er dan ook geen kaart van Budapest mee op reis moest schudde hij nee. Hij snapt dat, hij snapt hoe die steden in elkaar zitten.

Terwijl we richting huis reden spraken we nog over het ziekenhuis dat zich openbaart als een doolhof. Waarschijnlijk hebben ze de architect van de efteling hier op los gelaten, zodat patiënten zo blij zijn dat ze eindelijk de plaats van bestemming hebben gevonden dat ze daar wel een paar uur wachten voor over hebben. Ondertussen keek ik op de borden maar zag niets bekends, nu kan dat in mijn geval makkelijk want als “mede reiziger” hou ik dat soort dingen nooit zo in de gaten of ik moet daar opdracht toe hebben. En die had  ik niet. We reden richting Balaton terwijl we echt richting Pécs moesten rijden. Nu maakt dat op zich niet zoveel uit want beiden wegen leiden naar huis. De ene alleen wat sneller dan de andere. Ondertussen begon onze maag toch wel te knorren en ik begon zelfs over een Mac…lds. Hans kwam tot een afhaalchinees die misschien wel in Dombovár  zou zitten. Maar ik herstelde en zei dat er nog een overheerlijk konijn in de vriezer lag die samen met een beetje pasta goed zou smaken. Toen schoot mij iets te binnen, maar sprak het niet uit. Ik wist ook niet zeker of ik het wel uit zou spreken. Ineens overkwam  mij iets liefdevols. Waarom ook niet? Als die man nou toch soms eens trek in patat heeft moet dat gewoon kunnen. In Dombovár is namelijk niet al te lang geleden een patatzaak geopend met de naam Happy Snack. Voorzichtig vertelde ik Hans hierover en hij riep: Kom op! Voor één keer ongezond eten moet kunnen! We gingen op zoek en vonden de Snack die Happy scheen te zijn. We bestelden natuurlijk kroket en daarbij patat. Iets dat wij nog nooit hier hebben gegeten. De kroket was goed met een mooie ragout, de patat had van mij iets harder gemogen maar ik hou nou eenmaal meer van die doorgebakken frieten. Maar daar lag het niet aan. Het lag aan ons. Het smaakte ons gewoon niet zo.  Misschien is het wel hetzelfde als je ergens op vakantie bent. Je neemt een drankje dat past bij het land en eenmaal thuis smaakt dat toch heel anders, omdat vooral een bepaalde sfeer daarbij past. Nu was ik in Nederland al nooit zo van de “vetklep” om het maar eens oneerbiedig te zeggen, maar friet en kroketten horen bij het strand van Hoek van Holland na een lange wandeling over het strand tegen een straffe wind in. Zoiets. En natuurlijk maak ik thuis ook wel eens frieten maar dan kies ik daar de aardappelen op uit, die moeten groot en stevig zijn en vooral niet te waterig. Waaruit maar weer eens blijkt dat voor sommigen van ons eten pure emotie is. Genoeg over die frieten nu.

Rond half tien thuis en doodmoe, maar dan hebben natuurlijk ook nog een hond genaamd Pip. Aan zijn blijdschap was te merken dat hij dacht dat ik nog wel een stuk met hem zou gaan wandelen. Ik gaf alle beesten eten en verdween voor even in mijn computer. Pip wilde naar buiten, dus ik liet hem. Maar om een uur of half twaalf vond ik het toch wel gezellig als hij even binnen zou komen. Geen Pip voor de deur. Ik riep hem, geen hond te bekennen. We stuurden Jolene naar buiten om hem te zoeken. Ook zij verdween. Roepen, fluiten en rammelen niets zorgde ervoor dat ze terugkeerden. Hans was te moe en ging naar bed. Maar het zat mij gewoon niet lekker. Het was rond één uur toen ik samen met mijn opwind zaklantaarn verdween ik in het donker van de nacht. Niets te zien. Ik riep Jolenes favorieten woorden: Lekkere dingetjes!! Toen Pip’s favoriete woord: Frisbee!!! Eenmaal aan het einde van de tuin nog steeds geen spoor, maar toen hoorde ik gehijg en een soort galop. Even hoopte ik natuurlijk wel dat het Pip was want ik stond alleen met een opwind zaklantaarn en een jaszak vol brokjes. Hij diende zich vrolijk aan. Zoiets van: kom je ook gezellig spoorzoeken? Daarna was er klein gehijg en een kleine galop, dit keer van een kleine hond genaamd Jolene. Ik sprak hen beide vermanend toe maar was tegelijk zo blij dat ik ze overvoerde met brokjes. Ook hierbij weer de woorden eten en emotie. Wat zit een mens toch gek in elkaar.

Mip

2 thoughts on “Eten, emoties en de efteling.

  1. Wat een leuk verhaal! En zo herkenbaar, in NL liep F weg, de deugniet. We waren boos op haar totdat ze er weer was, zo blij om haar weer te zien! Brokjes, aaitjes en omhelzingen……
    Jammer van die snackerette, misschien waren jullie te moe?
    Kun je zelf kroketten maken? Met garnalen????
    Tot snel, katinka

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s