Plaag, plagen, geplaagd.

KortLevens verhalen en andere dierenvertellingen.

Het komt door de sneeuwstorm van half maart. Althans dat is de verklaring. Er viel een grote hoeveelheid sneeuw op één dag. De temperatuur bleef laag maar wel net hoog genoeg om van de sneeuw plassen te maken. Daarna werd het ineens warm en konden ze zich ontpoppen als ware monsters. Muggen.

In april was het te koud en verkozen grote kolonies mieren ervoor ons huis te bevolken. Uit de vreemdste en vooral kleinste gaatjes kwamen ze tevoorschijn. Bij vriendin Edith kozen ze er bijvoorbeeld voor om uit het stopcontact te komen. Elizabeth vond het een vreemd verhaal, maar ook een paar dagen later hing zij aan de telefoon. Ook daar hadden kolonies zich gevestigd en kwamen ze uit de vreemdste hoeken. Nu vond deze plaag bij ons het meest plaats in de keuken en daarom was het mogelijk om regelmatig bijna je nek te breken over de stofzuiger. Een attribuut dat bijna niet meer weg te denken was. Met de kale slang vol op het gaatje en met loeiende motor bestookte ik onze plaaggeesten. Ook plakte Hans de kleine gaatjes dicht, maar mieren zijn sterk en inventief. Toch nam ik ook weleens tijd voor een studie. Hoe ze elkaar inseinden en wat ze dan ook allemaal versleepten. Een flinke broodkruimel was zo zwaar dat ze het met z’n drieën naar boven moesten sjouwen. Precies in de voeg tussen de tegels, onder de messenhouder door tot aan het raamkozijn. Op naar het kleine gaatje waar dan weer hulpdiensten klaar stonden om de broodkruimel in het nest te trekken. Je zag onderweg ook nog begroetingen. Of misschien was het wel informatie waar ze nog zoiets konden vinden. Hoewel het aanrecht zelden zo schoon was vonden ze altijd wel iets van hun gading. Op een dag waren ze verdwenen. De regen was gestopt en de zon begon haar heerlijke warmte af te geven. Toen ontstond de plaag waar geen stofzuiger tegenop kan.

Ze houden ons al bezig sinds het einde van april. In gigantische hoeveelheden. Ron en Arwen, die hier meestal in dezelfde tijd van het jaar zijn, hadden dit ook nog niet meegemaakt. Daarom moest het wel een bijzonderheid zijn. Mijn optimistisch karakter vertelde dat dit allemaal wel van voorbijgaande aard zou zijn en als het eenmaal echt warm zou worden en alle grond zou uitdrogen, deze plaag ook vanzelf over zou gaan. Het werd warm. Het werd heet. Het werd snik verstikkend heet. Schaduw is onze grote vriend en gelukkig hebben we daar ook veel van veroorzaakt de laatste jaren.

Onze “werktijden” verplaatsen we naar vijf uur in de morgen of naar later tegen de avond. En ondanks dat de temperaturen dan al of nog steeds flink hoog zijn lopen we gekleed alsof de winter zo weer over ons heen kan vallen. Alles lang en dicht. Broek, sokken, t-shirts. Dichte schoenen. Handschoenen, weliswaar een tuinvariant maar toch. Tot zelfs aan petten toe. Geen stap kun je doen zonder belaagd te worden en erger nog, zonder gestoken te worden. Ondanks smeersels met het hoogste deet, ondanks alle voorzorgsmaatregelen steken deze etters waar ze je het lekkerst vinden. Knieholten, oksels, enkels en bilnaad. Hoewel de rest van het lichaam ook niet te versmaden schijnt te zijn. Maar erger nog zijn de knutten of zoals ze in Suriname genoemd worden Mampieren. Ze houden niet van zon en wind maar wel van warmte en schaduw. En van Hans. De allergische reacties op deze Mampieren veroorzaken bij hem hoge koorts en grote harde bulten die dagen blijven zeuren tot de bult gaat huilen en daarna zakt het weer. Rillend en klappertandend van de kou, gedoken onder een dik dekbed terwijl de temperatuur buiten tot 37 graden kwam. De schaduw bewonen wij alleen nog met de ventilator op tien. Die we trouwens moeten delen met Pip en Beau. Want door de hitte krijgen ze regelmatig een douche. Ze koelen dan lekker af en zoeken de schaduw op waar ze worden opgewacht door wolken muggen en Mampieren. In huis is de meest veilige plek. Daar is het koel en krijgt deze etterbak geen kans om binnen te komen. Maar om dit nu een hele zomer vol te houden? Ik zou willen dat kippen meer muggen aten in plaats van torren en mooie vlinders. Maar eerlijk gezegd zouden vijf kippen en één haan ook niet afdoende zijn om deze plaag te verorberen. Als al die zwaluwen en al die andere vogels die onze tuin bevolken dat ook al niet kunnen.

Mip

Afbeelding 7

Vroeg in de morgen aan de slag, voordat de kraaien komen om de kersenboom leeg te halen.

Afbeelding 9

Mister “deet” aan de slag in korte broek en mouwloos hemd. Later zouden zij, de Mampiers, zijn “deet” totaal negeren en doen alsof het zijn parfum was.

 

Afbeelding 5

Tegen half acht, de klus bijna geklaard. Maar niet opruimen voordat het laatste dorps nieuws nog even doorgenomen is.

Afbeelding 6

Gino met zijn Gina. Samen in het gras, vleugels wijd, snavel open. Ik zou er toch niet aan moeten denken om met zo’n dekbed aan veren bij temperaturen van 30 tot 37 graden in de zon te moeten vertoeven.

 

3 thoughts on “Plaag, plagen, geplaagd.

  1. Jakkes, is de warmte nog niet genoeg? Ik krijg alleen van het lezen een acute jeukaanval.
    Ik heb wat gemopperd op het weer de laatste dagen, maar nu ben ik op jullie warmte toch echt niet jaloers, sterkte.

  2. Ik ben ook heel benieuwd hoe het straks eind juli is bij ons, iv.m. de overstroming v.d. Donau stikt het daar nu ook van de muggen, en van alle eerdere jaren weten we dat het vampieren zijn, steken dwarst door je spijkerbroek heen, bij ons vliegt er regelmatig een verdelgingvliegtuigje, maar weet niet wat voor effect dat heeft op de rest van het vliegend gebeuren. Maar het is een ramp, sterkte ermee, meer kan ik je niet wensen, afgelopen weekend bij jullie ook zo gehageld?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s