Leermomenten.

KortLevens verhalen en andere dierenvertellingen.

Het was woensdag toen wij naar Pécs reden. Het was nog vroeg en de zon scheen. We reden met de bus, omdat hetgeen we moesten vervoeren niet in een gewone auto paste. Het verkeer was een beetje warrig. Veel haastige mensen. Inhalen waar ik het niet zou adviseren waardoor de auto’s rakelings langs elkaar weer in de rij schoten. Hans keek mij: “Hebben wij haast?”. Het antwoord hoeft dan niet gegeven te worden, want wij hebben geen haast. Voor ons keerde een kleine vrachtauto. Eerst gaf hij flink gas om niet veel later te stoppen in de berm. Op dat moment was zichtbaar waarom hij gekeerd was. Er lag een deel van zijn lading, een groot wit vierkant pak, midden op de weg. We reden door. Konden de afgevallen lading makkelijk passeren. Op datzelfde moment vloog de deur van de kleine vrachtauto open waardoor onze ruimte ineens minimaal was. Een ruk aan het stuur was onmogelijk. Ik gil nooit in de auto, maar dat nooit is nu verleden tijd. Ik gilde terwijl ik een klap verwachte en wij in één keer tot stilstand zouden komen. Terwijl mijn kreet nog na echode bleek dat enkele millimeters voor Hans genoeg is om een auto heelhuids er langsheen te sturen. Achter ons gaf de chauffeur van een personenauto zo’n ruk aan zijn stuur dat hij nog maar net het grote witte blok kon ontwijken. Op enkele seconden afstand kwamen de eerste tegenliggers. Zo’n moment zou ik een geluksmoment willen noemen.  Zo’n moment dat je ineens weer weet waar je hart zit. Of sterker nog, dat je weet dat je een hart hebt. Ik kuste Hans op zijn blote knie die uit zijn korte broek stak en overlaadde hem met complimenten. Hij bleef de rust zelve.

Toen het er in het begin van het seizoen naar uitzag dat onze meloenenzaadjes niet de plantjes wilden worden die wij in gedachten hadden kocht ik op de markt tien kleine plantjes. Tien is misschien wat veel maar het is nooit zeker dat ze het ook allemaal overleven. Ze overleefden alle tien en droegen vrucht dat het een lieve lust was. Tussendoor telde ik er een stuk of dertig en hield ze vanaf dat moment in de gaten. Met meloenen moet je geduld hebben. Ze zien er prachtig uit maar zijn dan nog lang niet eetbaar. Dat zijn ze pas als het steeltje waaraan ze groeien verdroogd. Ik hield de steeltjes nauwlettend in de gaten en vorige week was het zo ver. Met de snoeischaar knipte ik de meloen voorzichtig los van de plant. Hij was wel wat licht van gewicht en dat klopte ook. Slechts de bovenkant van de schil was nog over. Ik checkte nu voor de zekerheid ook nog wat anderen. Het tellen van de nog hele meloenen gaat nu een stuk vlotter. Vijftien zijn sowieso helemaal aangevreten, vijf zitten vol met kleine gaatjes waardoor al het sap er gewoon uitloopt en gisteren hebben we er eentje kunnen eten. Lekker was die zeker maar de bittere nasmaak van alle verloren gegane meloenen kon dit niet wegnemen. Volgend jaar de planten toch maar weer laten klimmen in plaats van laten kruipen. Hoewel ik niet zeker weet of de naaktslakken zich daar iets van aantrekken.

De nieuwe kippen zijn leuk en grappig. Ik zeg kippen, omdat twee van de drie weer terug zijn gekeerd naar huis. Het zijn er dus weer drie. Gino doet zijn beste om de nieuwe meiden op te voeden, maar veel resultaat heeft hij nog niet geboekt. Ze zijn brutaal. Hondsbrutaal. En nergens bang voor. Nu gaf ik eerst Beau de schuld dat hij de brokken van de poezen pikte en dat is ook voor een deel waar. Daarom is het poezenvoer weer naar binnen verhuisd, zodat de poezen, zoals ze gewend zijn, steeds kunnen snoepen tot ze er genoeg van hebben. Maar nu het poezenvoer binnen staat verschijnen er ook ineens steeds meer kippen in de keuken. Met z’n drieën vreten ze als een razende het voer op. Maar erger is eigenlijk nog dat ze Hans lastig vallen. Zijn werkkamer is interessant, maar zijn werktafel eigenlijk nog meer. Ik ga maar eens een hekje timmeren dat voor de deur kan staan, zodat de toegang voor de dames een hindernis wordt. Hoewel ik me afvraag af zij dat wel als hindernis zien. Misschien toch maar gewoon de deur dicht houden.

Afbeelding 52

En het kost nogal moeite om haar hier ongeschonden vandaan te krijgen.

Toen het van de week wat koeler was heb ik de kwast maar eens ter hand genomen. Allereerst de waterput die Ron in het voorjaar van een nieuwe houten jas heeft voorzien. Met lange streken heb ik de houten jas in de lijnolie gezet. Nadeel was wel dat wespen de geur aantrekkelijk vinden en constant rondom de kwast vlogen. Maar ook hier geldt: blijf rustig, trek je er niets van aan. Zolang ze niet steken is er niets aan de hand.

Afbeelding 53

Daarna direct maar even het toegangshek in de prut gezet.

Afbeelding 55

En Hans verwerkte ondertussen de laatste perziken tot compote, waardoor de wespen gelijk weer zijn kant uitvlogen. Volgende keer dan maar kwasten en compote tegelijk maken.

Afbeelding 54

Mip

2 thoughts on “Leermomenten.

  1. Wat een kanjer he, de broer van me,hebben zijn autojaren toch weer vruchten afgeworpen. Die slakken kunnen het ook niet helpen dat ze slak zijn, maar soms….
    Is een traphekje voor baby,s niets voor de kippen of hoppen ze daar zo over?.
    Al met al, jullie vervelen je nooit zo te zien.

  2. Mooi geworden de put, en de kipjes, die kamer van Hans is wel vlak naast de keuken en al je grote diepe pannen…..
    Zonde van die meloenen!
    Die 6 blijft een rotweg met veel gevaar op de loer, gelukkig weer net goed gegaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s