Bencéhez. Een fietstocht.

KortLevens verhalen en andere dierenvertellingen.

Het is alweer even geleden dat wij de eerste berichten kregen. Op de fiets? Die route? Het antwoord daarop was: Ja en gaan jullie ook mee? Ik schoot in de lach, omdat in de meer dan twaalf jaar dat wij hier wonen ik mijn fiets amper had aangeraakt. Hooguit 70 kilometer had ik in al die jaren bij elkaar gefietst en dan ook nog eens in het eerste jaar.

Maar toch. We haalden de fietsen van zolder en bezagen welk een leed deze hadden ondergaan. Eerst tijdens de verhuizing waar mijn fiets nogal gekreukeld de verhuiswagen uit kwam. En nu, zoveel jaar later bleek mijn gel zadel te zijn ontploft door de hitte, stonden mijn banden leeg, deed mijn kilometerteller het niet meer en zat er nog steeds die rare slag in mijn voorspatbord. Hans’ fiets was er iets beter aan toe. Toch was ook die fiets niet reisvaardig zullen we maar zeggen.

Nu kan een fiets misschien niet reisvaardig zijn, maar is het lichaam dat wel? Op die vraag moest een antwoord komen. Wat kan een mens nog aan. Welnu, door te fietsen kun je veel ontdekken. Eerst korte stukken met weinig klimmmen. Dat ging goed. Nu Hans mij zo bezig zag ging het bij hem toch ook prikkelen. “Ik ga met je mee!” Riep hij. Ik zocht de fietsbroeken waarvan bleek dat die van Hans zijn beste tijd wel gehad had. Ik stond de mijne af, die mij toch te groot was en kocht zelf een nieuwe. Ondertussen waren er nieuwe zadels, de verlichting op orde, de slag uit mijn spatbord en nieuwe batterijen voor de kilometertellers. Zelf ben ik wel van het meten is weten en zonder zo’n teller weet je helemaal niets.

Langzaamaan begonnen we met beklimmingen. Stijl en lang. Omdat we dat nogal vroeg in de morgen deden hadden we weinig last van warmte en verkeer waardoor de spieren op het gemak uitgetest konden worden. Het zag er voorwaar niet slecht uit.

 

 

 

Eerlijk gezegd kregen we er best lol in. Daarna nog een volgende gemene klim om uit te proberen en naar aanleiding daarvan zouden we ons besluit nemen. Onderstussen bestookte Arwen mij met peptalk berichtjes, omdat zij er zeker van was dat het zou kunnen.

We namen een besluit. Ik zou gaan en Hans niet. Het zou teveel voor hem worden. Maar op het moment toen ik Zoli belde om te vertellen dat ik er klaar voor was hoorde ik Hans op de achtergrond. “Ik ga mee!” Besluiten zijn er om op terug te komen en zo geschiedde.

We kregen een e-mail met daarin drie grafieken voor drie dagen, want zo lang zou de fietstocht gaan duren. Ongeveer 175 km naar Gyugy vanaf Pécs. Ik zag Hans slikken. Grafieken zeggen mij niet zoveel. Nu ik er naar terug kijk weet ik wat ze betekenen. In een volgende e-mail werd het hele plan nog duidelijker. We zouden om de 10 kilometer stoppen en er ging een auto mee voor de bagage, fietsonderdelen, eten, drinken en een plaats voor een fiets en een persoon als iemand het even op moest geven als het te zwaar zou worden.

23 augustus was het dan eindelijk zo ver. We reisden af naar Pécs met de fietsen achterin. In de tuin van Vali en Zoli was het een komen en gaan van mensen die zich klaarmaakten voor de grote rit. Het was een warm weerzien met mensen van de pelgrimstocht en met een paar nieuwe geichten. Althans voor ons dan. Maar niet voordat een ballon met al onze namen zou worden losgelaten voor de naamdag van Bence. Want dat was tenslotte het doel. Fietsen naar de gedenkplaats van Bence. De eerste rit bracht ons naar Egyházaskozár, een ritje van slechts 64 kilometer. Ja, in Nederland zou dat echt niet heel veel zijn maar hier…….. We reden met z’n veertienen door de stad tussen het drukke verkeer door waarbij Zoli het bijkans aan de stok kreeg met een automobilist die vond dat we meer in de kant moesten gaan rijden. Wie de Hongaarse wegen kent weet dat dit tot de volkomen onmogelijkheden behoort. Dus we bleven rijden waar we reden. Niet veel later reden we op rustigere wegen met weinig verkeer. Slechte wegen, dat wel. Toen kwam de eerste beklimming. Als ware ik een rijdende douchekop zwoegde ik mij de weg omhoog. Maar niet ik alleen, al moet ik zeggen dat het sommige anderen iets makkelijker afging. Ook Hans zat mee in de groep en ik voelde mijn trots voor hem stijgen. Natuurlijk, hij had het niet makkelijk maar hij deed het wel. Gaande de dag werden de klimmen feller en gemener en gaande de dag was het goed te merken dat een lichaam best zo sterk als een beer kan zijn. Onderweg maakten we stops bij kroegen en winkels om zo ons vochtgehalte op pijl te houden en voedsel voor de energie. Deze dagen zou ik meer suiker en snoep eten dan ik normaal gesproken in een heel jaar nog niet bij elkaar zou eten. Maar we hadden het nodig, die energie. Toen we aankwamen in Egyházaskozár brandde de zon nog steeds fel maar de kamers waren luchtig en kompleet. We zouden slapen als rozen. Vooral omdat de wijn er flink inhakte tijdens het eten en daarna.  Maar de onderlinge pret was er niet minder om. Hoewel Hans’ spieren die nacht wel opspeelden. Kramp. Maar een hete douche bood uitkomst.

Dat bier kan sissen weet ik nu zeker.

 


Pitfit  weer in de startblokken.

Op dag twee reden we via Dombovár naar Igal. Een rit van 54 kilometer en gezien de grafiek zou het redelijk goed te doen zijn. Zoals ik al schreef: ik heb geen verstand van grafieken en dat bleek ook wel. Toch zaten er wel wat stukken vals plat en daar is mijn lichaam redelijk op gebouwd. Na langdurig overtuigen lukte het Hans de eerste paar kilometers in de auto te krijgen. Toch kennen maar weinig mensen zijn karakter. Afhaken komt niet in zijn woordenlijst voor. Bij de eerste stop in Dombovár stapte hij uit, pakte zijn fiets en maakte zich klaar voor de rest van de dag. Daar hou ik wel van, een beetje doorbijten moet kunnen. Om mezelf vooral te sterken hing de plaats Igal in mijn hoofd. Want daar was een cadeautje. Een heus kuuroord, dat ook nog eens recht tegenover onze slaapgeledenheid bleek te liggen. Maar dat was nog wel een paar uur van ons verwijderd. Eerst maar eens op de pedalen. Het was heet en het was zweten en de hellingen waren straf. De afdalingen gelukkig ook. En sommigen wisten het al. Ze riepen me toe dat er een cadeautje aankwam. Zoli hield mij op de hoogte tijdens een eindeloze klim. “Zie je die toren daar” en wees naar iets dat nog ver was. Ja, die zag ik. Tot daar loopt de klim, daarna gaan we weer dalen. Jaren geleden, het was tijdens mijn fietsvakanties in Portugal, had ik mezelf al aangeleerd om tijdens een klim niet omhoog kijken maar alleen naar het asfalt. Ik geef toe je ziet weinig van de omgeving maar het helpt wel als je niet weet hoe ver het nog is. De afdalingen daarentegen gaven ook wel wat verschil te zien. Daar waar Hans met moeite de klim haalde zo hard vloog hij de afdaling af en haalde velen met gemak weer in. Het bord van Igal kwam eindelijk in zicht. Ik trapte met mijn laatste kracht nog flink de pedalen rond en zag het water van het kuuroord. Als zoutpilaren schoten we ons zwemgoed in en lieten ons lichaam zalven door het goddelijke warme water. Wat een heerlijkheid. Met Dalma, die een fantastische zwemster bleek, zwom ik nog een baan vrije slag die we tegelijk aantikten. Grappig dat we dit niet van elkaar wisten en nu wel. Maar de rek was er na die ene baan wel uit. Tijd om te relaxen. Na het avondeten zaten we met de groep op het terras. De sfeer was heerlijk. De verhalen vlogen alle kanten op. Maar om half negen was het gebeurd. Ik moest naar bed. Bijna in slaap voelde ik iets kriebelen. Eerst in mijn haar, toen mijn gezicht en daarna een knisperend geluid op mijn kussen. Licht aan. Daar zag ik wat. Het was groen en niet klein. Het was een grashopper die mij uit mijn slaap hield. Nu was ik niet bang maar ik vond het wel irritant. Kleren aan en naar het terras. Met mijn handen een stuk uit elkaar vertelde ik dat er wel zo’n groot groen insect in de slaapkamer zat. Hans mee en die staat ook niet bekend om zijn geduld. Hij zag het insect en daarna niet meer. Volgens hem was het weg, volgens mij niet. Vali wierp zich op als beste insectenvanger ever. Samen zochten we, vonden hem, joegen hem in het gordijn en Vali zorgde voor de laatste klap, zodat de grashopper weer in de natuur belande waar hij dan ook hoort. Eindelijk slapen.

Dag 3. Onze laatste trip die zal leiden naar Gyugy, de herdenkingsplaats van Bence. Een tocht van ruim 58 kilometer. Zoli toonde mij nog eens de grafiek en wees mij op de valkuilen van deze dag. Ondertussen begon ik al meer van grafieken te begrijpen en bij het zien werd mij de adem bijkans ontnomen.

Let vooral op het begin, dan dat kleine piekje, dan die bulten erna.

Als je ergens aan begint maak je het af ook. Zo is altijd mijn credo. Maar allemachtig wat een helse tocht was deze dag. Vreemd genoeg vergeet ik ook steeds de afdalingen en onthou ik alleen de klimmen. Dalma, die soms alleen soms met Vali de rijen sloot, dus in veel gevallen achter mij, reed naast me. Ik riep dat ze gewoon door moest fietsen op haar eigen tempo. Maar nee, ze wilde graag de laatste blijven. Of alleen of samen met Vali. Vreemd genoeg is dat toch heel geruststellend. Dat er iemand achter je zit die veel sterker is. Ik kan het niet goed uitleggen maar het voelde in ieder geval goed. De ene verschrikkelijke klim na de andere diende zich aan. Soms stopte ik om even mijn benen bij te laten komen en ondertussen ook mijn kont want die werd ook wat gevoeliger van al de klimmen, dalen en zweten natuurlijk. Daarna fietste ik weer verder. En als het wat makkelijker ging vergat ik al die verdomde klimmen weer. Fijn zo’n geheugen. Het was warm maar gelukkig ook bewolkt, zodat de zon voor even niet de huid zou verschroeien. We maakten mooie lange stoppen tussendoor, waardoor iedereen weer op adem kon komen. Bij de laatste stop zouden we lángos eten, maar helaas was die tent gesloten. Of ik dat heel erg vond weet ik eigenlijk niet. Lángos, je kunt het uren later nog eten. We vervolgden onze trip. Dacht ik dat we alles gehad hadden bleek toch dat ik de grafiek niet goed in mij opgenomen had. Heerlijk bospad zonder verkeer. Soms wel een slecht pad of zelfs wel een heel slecht pad. Toen die beklimming. Zanderig en stenen hels steil omhoog. Laagste versnelling, zon die doorbreekt en meteen alles verschroeid. Zweet in stralen die donkere kringen op de weg maken. Niet omhoog kijken. Dan zegt mijn lichaam dat het klaar is. Maar die had mijn karakter buiten de waard gerekend. Boven mij liep iedereen al (op de kleine dondersteen Zsofi na en als ik het mag geloven is Zoli toch ook weer opgestapt). Ik duwde mijn fiets, voelde nu niet mijn bovenbenen maar enkels en kuiten. Stoppen, even over de fiets hangen en weer door.

Nog even Míp! Riep Vali. Het is niet ver meer! Pfffffff.

En zo kwamen er nog een paar van die kleine venijnige en o zo gemene klimmen. De weg naar Bence was een kuitenbijter die het geheugen niet snel zal verlaten. Maar eerlijk is eerlijk, nooit maar dan ook nooit had ik deze ervaring willen missen. En Hans? Apetrots ben ik op hem, die eigenwijze donderstraal.

En zo gebeurde. Alle fietsen op rij en geen enkeling uitgezonderd.

Bencéhez. Een fietstocht.

Míp.

11 thoughts on “Bencéhez. Een fietstocht.

  1. Jemig mip wat een prachtig verhaal weer, tijd voor een bundel, je hebt zo’n heerlijke schrijfstijl. Complimenten.
    Knap dat jullie het gehaald hebben. 😎😍

  2. Mip and Hans, you two fantastisch guys, we are proud of having you as our friends. Thanks to Bence, that we knew you…We will never forget that you did it for him and us. And also we thank you the love you give us and being with us in this hard time❤️❤️

  3. Lieve Maupie. Je hebt mij op de fiets meegenomen. Pfff wat een pittige beklimmingen door mooie natuur. Ik zit nog na te puffen. De stoerheid en hitte is van jullie gezichten af te lezen.
    Jullie zijn kanjers. Petje af. Medailles heb ik al toegestuurd. Dikke knuffel voor jullie. Nu even lekker bijkomen.

  4. Hans, Miep, teamleden gefeliciteerd met deze fantastische uitdaging, iedereen heeft het gehaald teamgeest aanmoedigen pieken en dalen een helse tocht zadelpijn doe het jullie niet na Vooral het klimwerk zoals Miep het omschrijft het afdalen, maar ook het plezier de ontlading toen jullie binnen kwamen, daar mag je trots op zijn liefs Tonnie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s